Maandelijks archief: maart 2017

Mensenschending

Laatst schreef ik in een gedicht: “want elk kind is een nieuwe bloem/die het boeket verrijkt/die gevoed moet worden/tot het de bestemming bereikt/van het deel dat/het geheel omvat”

Nu lees ik in “De Wereld Waarnemen” van Maurice Merleau-Ponty op bl. 49: “De eenheid van het ding zit niet achter zijn verschillende kwaliteiten, maar wordt door elk van hen bevestigd.”

Met elk mens dat wij schenden schenden wij de mens en dus ook onszelf. Met elk mens dat wij voeden, voeden wij onszelf.

Henk Pruiksma

 

Een kwestie van klank

A. wilde na het Memory-spel met groenten nog even woordjes met me oefenen. Hij is trots op zijn groeiende woordenschat. Zijn huisgenote F. keek toe. Zij volgt nu een aantal maanden Nederlandse taallessen; A. is deze week begonnen.

Toch heeft hij al veel bladzijden beschreven. “Kast, tafel, raam, stoel, lamp, op en onder.” “Vensterbank” namen we meteen maar even mee. Hij zat er immers met zijn rug tegenaan.  “Tak ” en “Taak” las hij. Zou hij weten wat dat laatste woord betekent? Hoe leg je dat uit aan een Eritrese jongen die vier dagen schoolgaat in een vreemde, héél vreemde taal? “Boem”, zei A. en hij wees naar buiten.

Ik heb als ‘Buurman Henk’ geleerd kreten die ik niet kan thuisbrengen niet onmiddellijk als fout of onherleidbaar te betitelen. Daarom vroeg ik “Boem”? “Ja, Boem” zei A. en nu ik hem leek te begrijpen wees hij iets minder nadrukkelijk naar buiten. Of, toch niet? Hij zag de vragende blik in mijn ogen.

Die vragende blik! Heb je je mond in een volslagen onnatuurlijke vorm gedwongen om al even onnatuurlijke klanken voort te brengen (“oo” is erg; “ui” slaat alles!) en toch kijken  die Nederlanders je vragend aan. “Boem!” riep A. en wees weer met gestrekte arm naar buiten. De gevangenismuren van onze taal sloten zich om hem heen.

Ik wilde over vuurwerk beginnen, maar er ging mij een licht op. Zou hij “boom” bedoelen, ik heb de “oo” al vaker een “oe” horen worden. Bedoel je “boom”?  Ja, “boem!”, zei A. opgelucht. Ik begreep hem! En F. lachte zich de sterretjes in haar ogen. “Boom!”, zei ze en in het Tigrinya bracht ze volledige duidelijkheid. Maar: wat heeft “taak” met een “boom” te maken? Ik begreep A. nog niet! Een tak, OK. Maar een taak? Zou hij het verschil tussen de twee woorden niet zien? Weer ging Fiori met hem in gesprek. Abdel had het verschil wel degelijk opgemerkt. Een taak is gewoon een lange tak! En A. spreidde zijn armen.

F. had grote schik. Mij liep het nat over de wangen. Van het lachen en een beetje van ontroering. Om het geworstel van A. en de intelligentie van F. In nog geen jaar tijd heeft zij al kennis genoeg van onze taal om te doorzien wat er gebeurde. “Tranen?”, zei ze en ik knikte.

Ik vertelde begeleider B. over mijn belevenis. Hij had er op afstand iets van meegekregen door het kabaal dat wij maakten. En hij vertelde mij dat men in het Tigrinya woorden van betekenis kan laten veranderen door klanken te verlengen. In mijn gedachten hoorde ik “tak” veranderen in “taak” en ik genoot in stilte.

Henk Pruiksma